Update coronavirus en maatregelen omtrent onze events.

Harry Roor – “Er is nog véel meer mogelijk met digitale samenwerking”

‘Hoe kun je bevorderen dat mensen in bedrijven digitaal beter met elkaar samenwerken? Wat is er voor nodig om mensen zo ver te krijgen dat ze gebruik gaan maken van de vele nieuwe technische mogelijkheden om samen te werken?’ Dat zijn enkele van de vele vragen waar leden van de Kennisgroep Digitaal Samenwerken van Samenwerking Noord zich over buigen. Enthousiast voorzitter van deze Kennisgroep is Harry Roor, verbonden aan het Noorderpoort in Groningen.

‘Er is de afgelopen jaren technisch zeer veel mogelijk geworden wat betreft Digitaal Samenwerken. Maar veel medewerkers in bedrijven komen niet veel verder dan samen te werken binnen een document. In onze Kennisgroep houden we ons enerzijds bezig met de vraag wát er technisch allemaal mogelijk is. Maar anderzijds ook met de vraag wat we moeten doen om er voor te zorgen dat mensen ook daadwerkelijk van de nieuwe mogelijkheden gebruik gaan maken’, zo vertelt hij.

De Kennisgroep Digitaal Samenwerken heeft actieve en gemotiveerde leden. Het streven is om zes sessies per jaar te houden. In totaal telt de groep circa vijfentwintig leden, maar per bijeenkomst komen er zo’n vijftien mensen. De belangstelling was dit afgelopen jaar iets groter dan het jaar er voor. ‘Mijn ervaring is dat als je maar zorgt voor een goed programma, het aantal deelnemers vanzelf groeit. Veel van onze leden zien de waarde van de sessies, want bedrijven en instellingen kunnen er enorm van profiteren wanneer de digitale samenwerking beter verloopt’, zo zegt Harry Roor.

Roor is al 24 jaar verbonden aan Noorderpoort en was daar in de meest uiteenlopende (onderwijs-)functies werkzaam. Dat heeft ook te maken met zijn belangstelling: hij wil zichzelf voortdurend blijven ontwikkelen en kennis vergaren, en kon daardoor uiteenlopende vakken doceren: van Nederlands tot wiskunde en informatica.

Binnen de school was hij ook actief met het ontwikkelen van een registratiesysteem. Misschien was het vanwege al deze kennis en kunde dat hij in 2011 door de school werd gevraagd om naar de bijeenkomsten van Samenwerking Noord te gaan. Aangezien hij vindt dat wie “a” zegt ook “b” moet zeggen, besloot hij om aan het verzoek te voldoen, maar dan ook altijd aanwezig te zijn. En sindsdien heeft hij nooit een bijeenkomst van Samenwerking Noord gemist. Twee jaar geleden werd hij gevraagd voorzitter te worden van de Kennisgroep Share Pint (Digitaal Samenwerken), als opvolger van Peter Mason.

‘Ik vind Digitale Samenwerking echt een prachtig onderwerp. Wat ik belangrijk vind is dat het een thema is dat je van alle kanten moet benaderen. Het is namelijk niet alleen een kwestie van techniek, maar je moet ook nadenken over gedrags- en cultuurverandering. Daarom is kennis vergaren over het gedrag van mensen ook heel erg belangrijk: wat is er voor nodig om mensen mee te krijgen naar een andere manier van samenwerken, en wat is dan het beste middel?’.

Harry Roor zegt dat hij voorzitter is geworden omdat er nu eenmaal íemand moet zijn om de kar te trekken, uit een soort plichts- en verantwoordelijkheidsgevoel. ‘Maar ik moet zeggen: ik vind het ook wel heel erg leuk om te doen. Het is boeiend om na te denken over de vraag hoe je de samenwerking kunt bevorderen. Want wat het zo lastig maakt is dat mensen gewoontedieren zijn. Ze hebben een bepaalde vaardigheid, maar dat kan ook een rem zijn. Ze moeten niet alleen iets nieuws léren, maar ook iets áfleren. En als je dat gedrag wilt veranderen moet je de mensen ook weer niet tegen je in het harnas jagen!’

Voor 2020 heeft hij de ambitie om opnieuw actuele onderwerpen aan de orde te stellen tijdens de sessies. ‘We proberen écht zinvolle bijeenkomsten te organiseren. Liever dat tien mensen na afloop blij naar huis gaan, dan dat je drukkere bijeenkomsten organiseert waar mensen achteraf minder blij mee zijn’.

Harry Roor is best een beetje trots op het feit dat de Kennisgroep kennelijk in een behoefte voorziet, en dat de sessies constant worden bezocht. Wanneer mensen verhinderd zijn, vragen ze vaak een collega uit het eigen bedrijf om hen te vervangen. ‘Er is waardering voor onze onderwerpen over kennis delen en kennis halen, en uit die waardering, daar haal ik veel voldoening uit’.

Voorlopig zal de Kennisgroep nog wel blijven bestaan, want de ontwikkelingen blijven continu doorgaan. Ook wat betreft het gebruik maken van big data dient zich een onderwerp aan waar vast en zeker nog menig kennis-sessie aan gewijd zal kunnen worden.